DE BARBET

INLEIDING

De Barbet is een Franse waterjachthond. Hij ontleent zijn naam aan zijn baard (Barbe in het Frans).
In 2003 haalde ik mijn eerste Barbet uit Frankrijk: Udine di Barbochos Reiau de Prouvenco. Er waren toen nog maar een paar Barbets in Nederland.
Via mijn kennel Quaciëndas heb ik in 2005 het eerste Barbetnest in Nederland gefokt.
Hier ziet u een foto van dat nest.
IMG_1410

Toen een uniek moment waar in de nationale pers en de regionale media aandacht aan werd besteed en zelfs door de Raad van Beheer in de editie van november 2005 van Raadar.

Het aantal Barbets in Nederland is, voor zover mij bekend, thans zo'n 200.
Veel van de fokkers zijn met één van onze honden – of de afstammelingen daarvan – begonnen.

Deze enorme groei in 7 jaar past niet in mijn maatstaven van fokken.
ik fok in principe niet meer dan 2 nesten per teef, waarbij normaliter het eerste nest pas wordt geboren als de teef 3 jaar is.
De Barbet wordt inmiddels steeds populairder en dat is voor sommige fokkers kennelijk aanleiding om maar aan te fokken. Helaas.
De meeste Barbets worden inmiddels niet meer in het land van oorsprong gefokt maar elders in de wereld.
In Europa vooral Zwitserland en Finland, maar Nederland scoort inmiddels ook hoog. Verder zijn Canada en de VS sterk in opkomst.

GESCHIEDENIS

De literatuur over de Barbet is nogal verspreid. Een gebundeld boek over het ras is er niet.
De Barbet is een oud ras waarvan de oorsprong niet echt bekend is, althans er bestaan verschillende theorieën over.
Aangenomen wordt dat de Barbet vanaf het begin van onze jaartelling in Noord-Afrika aanwezig was en daar werd gebruikt als herdershond.
Het is zo goed als zeker dat de Barbet met de Moren uit Noord-Afrika naar Zuid-Europa is gekomen, toen dit volk vanaf de 8e eeuw invallen deed in Spanje en vandaar Frankrijk wilde veroveren. Een paar eeuwen later vond de Barbet ook zijn weg naar Oost-Europa, nu via invallen van de Turken.
In de loop der eeuwen worden beschrijvingen en afbeeldingen van de Barbet aangetroffen; zeker in de 14e tot de 16e eeuw was hij bekend in Frankrijk en kwam hij veel voor.
Volgens de liefhebbers van de Barbet is de Barbet de voorouder geworden van vele waterhonden. Maar dat wordt zeker niet algemeen onderschreven. Een discussiepunt wat ik, zeker in dit kader, dan ook liever laat rusten.
Wat wel als algemeen aanvaard wordt aangenomen dat de Barbet de voorouder is van de Poedel. Ontstaan uit een kruising van zwarte en witte Barbets met een Spaniël.
Dit droeg bij aan de terugloop van de Barbet want de Poedel werd populairder dan zijn voorouder omdat hij beter aansloot bij de smaak die men toen had.
Tussen de beide wereldoorlogen raakte de Barbet tamelijk in de vergetelheid en was praktisch uitgestorven.
Slechts een handvol gepassioneerde jagers bleven hem trouw.
In de 20-er jaren maakte met name ene Dr. Vincenti zich sterk voor het behoud en terugfokken van dit ras.

Hieronder een foto van de Barbet van Dr. Vincenti uit de begin 30-er jaren.
Dit zwart-wit gemêleerde type zie je inmiddels ook weer terugkomen



Zijn dochter, Mme Pêtre, zette zijn werk voort, samen met haar zoons.
Zij en Reiner Georgii van de kennel Poppenspäler waren in Frankrijk de gedreven fokkers die samenwerkten om dit ras volgens zijn rastypische kenmerken te fokken.
Reiner Georgii is inmiddels overleden en ook Mme Pêtre is inmiddels gestopt.
Met hen sterven langzaam ook de door hen gefokte oude lijnen uit.

De Barbet is van oorsprong een middenslaghond
Voor de teef gold een schofthoogtemaat van minimaal 45 cm en maximaal 50 cm en voor de reu een minimaal van 50 cm tot maximaal 54 cm.
Zoals in vele clubs ontstond er ook in de Franse waterhondenclub een verschil van inzicht.
In de tachtiger jaren ontstond er een stroming onder leiding van de toenmalige president van de club om de Barbets te kruisen met Koningspoedels. Dit tot afschuw van de liefhebbers van de originele Barbet, die niets moesten hebben van deze “Barboodle”.
Door het infokken van de Koningspoedel werd het ras veel groter, meer vierkant van vorm in plaats van iets langer dan hoog en de vacht veranderderde (veel wolliger en krullerig, dus moeilijk te onderhouden, zeker voor een werkhond).
Maar de president van de club “won” en de rasstandaard werd twee keer aangepast (in 1986 en 1995) met als resultaat: een schofthoogtemaat van minimaal 53 cm voor de teef en 58 cm voor de reu, dus een verhoging van de minimummaten binnen 10 jaar van maar liefst 8 cm!!
Daarna hebben de liefhebbers van de originele Barbet in Frankrijk -  waar de eerdergenoemde fokker Reiner Georgii een belangrijke rol speelde - het pleit uiteindelijk toch enigszins gewonnen. De rasstandaard is op 29 maart 2006 aangepast: er zijn naast minimale maten ook maximale schofthoogtematen aangegeven: voor teven tussen de 53 cm en 61 cm en voor reuen tussen de 58 cm en 65 cm., met een tolerantie van 1 cm en zijn rastypische kenmerken versterkt.
Gezien de maatvoeringen kunnen er dus diverse grootten binnen het ras voorkomen!!

RASSTANDAARD BARBET

De rasstandaard van de Barbet geeft voor een rastypische Barbet de volgende belangrijkste kenmerken aan.
- lichaam langer dan hoog (van belang voor het waterwerk)
- korte en hoekige snuit en ronde en brede schedel met een duidelijke stop
- dikke gepigmenteerde lippen, grote neus(gaten), snor en baard
- schaargebit
- grote ronde ogen en laag aangezette grote oren
- korte en krachtige hals
- stevige rug met rechte bovenlijn en brede ronde borst
- brede poten en voeten
- relatief dikke huid
- de staart wordt in beweging bovenhorizontaal gedragen en heeft aan het eind een crochet (een door een spiertrekking licht omhoog gekrulde staartpunt)
- soepel gangwerk
- lange en gekrulde vacht
- kleuren: zwart, grijs, kastanje, fawn of zandkleurig, wit en meer of minder bont; alle schakeringen met bruin en zandkleur zijn toegestaan.
Kortom: een hond tussen de 20 en 35 kg met een robuste ietwat lompe uitstraling.

Hieronder ziet u het rastypisch Barbethoofd van onze Udine, voorkomend uit de oude lijn van Georgii.

IMG_2538

De meest voorkomende vachtkleuren zijn zwart en bruin.
Hieronder een foto van 3 Barbets in de genoemde kleuren.

los-romeijn_0111_edited

De oudere kleuren bont en fawn komen ook af en toe weer naar voren.
Hieronder een foto van onze fawnkleurige reu Misiu (Suupries)

image006

“2 TYPES” BARBETS

Door het te intensief infokken van de Koningspoedel zijn ook veel karakteristieken van de poedel ingefokt, zoals een langere en spitsere snuit, meer vierkant, fijnere bonestructuur, eleganter gangwerk en dichte poedelvachten.
Het echte oudere type als bedoeld in de strandaard wordt schaarser.
Het is nu aan de fokkers om via samenwerking die combinaties te maken die de kans op rastypische Barbets weer vergroot.
Maar een dergelijke samenwerking tussen fokkers is in de praktijk helaas ver te zoeken.
De keurmeesters kunnen hier een rol in spelen door steeds beter te keuren naar de rastypische eigenschappen.
Het probleem is dat er maar weinig echte Barbetkenners zijn onder de keurmeesters. Ze krijgen het ras er veelal “bij”.
Voor het behoud van het specifieke van het ras hoop ik dat de keurmeesters en fokkers daar op gaan letten.
Ander krijg je, zoals een bekende Nederlandse Poedelfokker me enige tijd geleden zei: of slechte rastypische Koningspoedels of slechte rastypische Barbets


KARAKTER BARBET

De Barbet is zeer egaal van karakter. Heerlijk onbevangen. Houdt van mensen, kinderen en honden en is van nature geen blaffer. Heeft veel beweging nodig en is niet graag lang alleen.
Leert makkelijk en snel en is een heerlijke gezinshond en zeer aanhankelijk.
Heeft zeker nog de jachtpassie, maar dan moet het wel van meet af aan gestimuleerd worden.
Houdt van water en is een goede zwemmer.

AFWIJKINGEN


De meest bekende afwijking is de mogelijkheid van HD, waar ze ook op worden getest. Vaak worden ze ook op de ogen getest. Het is verstandig is om bij een fokker waar men een pup wil kopen te vragen of de honden waarmee hij fokt op deze onderdelen zijn getest.
Verder komt – nu nog in beperkte mate – epilepsie voor in het ras, een kwaal die bij de meeste waterhonden voorkomt. Daar kan helaas nog niet op worden getest
Door de kleine populatie wereldwijd is het inbreedpercentage vaak aan de hoge kant. De kans dat epilepsie toeneemt en ook and ere gebreken zich gaan aandienen is bijna onontkoombaar,

VERZORGING

Ook voor de Barbet geldt dat hij ook hij geschikt is voor mensen die allergisch zijn voor hondenharen, omdat de vacht niet verhaart.
De vacht heeft wel onderhoud nodig. Hij heeft de neiging te gaan klitten.
In klitten kunnen ongedierte e.d. gaan zitten. Regelmatig borstelen (zeker eens per 2 weken) is dan ook een “must”.
Het is mogelijk de hond twee keer per jaar vrijwel kaal te laten scheren. Maar als u niet van een kale hond houdt dan zal hij zo'n 4 keer per jaar naar de trimmer moeten voor een knipbeurt.
Ook het schoonhouden van de oren en ogen is een aandachtspunt.
Het onderhoud is dus een kostenpost waar u rekening mee moet houden
Of u leert het zelf om uw hond te verzorge
n.
Dat is ook goed voor uw band met de hond.
Mijn dochter Wanda is trimster en heeft zich gespecialiseerd in waterhonden.
Zij geeft ook workshops aan mensen die het onderhoud zelf willen gaan doen en kan u adviseren over de juiste materialen die voor het onderhoud nodig zijn.
Zie voor meer informatie haar website
www.waterhondentrimster.nl.

Greet Los-Romeijn
Update 011212